Nederlandse Spoorwegen 180 jaar

Al doet de Nederlandse Spoorwegen er weinig aan, het 175 jaar jubileum van de Nederlandse Spoorwegen, licht nog vers in ons geheugen met de viering in Amersfoort. ProRail heeft een video op haar website staan t.g.v. het feit dat de spoorwegen in september 180 jaar bestaan. PostNL maakt bekend dat zij op 19 augustus 2019 twee postzegelvellen uitbrengt. Beide met de naam Openbaar vervoer in Nederland, van toen naar nu. Op de postzegels van het eerste vel staat de waardeaanduiding 1 voor post tot en met 20 gram met een bestemming binnen Nederland. Op de postzegels van het tweede vel staat de waardeaanduiding internationaal 1 voor post tot en met 20 gram met een internationale bestemming, met het Priority-logo op de tabs, dat is mooi om onze buitenlandse vrienden met de OV in Nederland kennis te laten maken.

Beide uitgiften besteden aandacht aan de belangrijkste vormen van openbaar vervoer in ons land: tram, metro, stadsbus, streekbus, stoptrein, intercity, internationale trein en veerdienst. Op de postzegelvellen zijn twaalf verschillende routes van het openbaar vervoer afgebeeld, zes per postzegelvel.

Op de uitgifte Openbaar vervoer in Nederland, van toen naar nu voor binnenlandse bestemmingen staan de volgende zes routes afgebeeld:

Binnenlandse bestemmingen

Streekbus 146 (Verenigde Autobus Diensten) van Emmeloord naar Lelystad (deels opgeheven lijn)
Stoptrein (Nederlandse Spoorwegen) van Zwolle naar Stadskanaal (deels opgeheven traject)
Tram 13 (Gemeentevervoersbedrijf GVB) van de wijk Geuzenveld naar station Amsterdam Centraal
Veerdienst Brakel van Brakel naar Herwijnen
Streekbus 132 (Connexxion) van Goes naar Zierikzee
Intercity (Nederlandse Spoorwegen) van Den Helder naar Maastricht (spitstraject).

 

 

 

Buitenlandse bestemmingen

Op de uitgifte Openbaar vervoer in Nederland, van toen naar nu voor buitenlandse bestemmingen staan zes andere routes afgebeeld:

Intercity (Nederlandse Spoorwegen) van Leeuwarden naar Rotterdam
Stadsbus 5 (Gemeentelijk Vervoerbedrijf Groningen) van de wijk Paddepoel naar de wijk De Wijert
Metrolijn 52 (Gemeentevervoersbedrijf GVB) van station Amsterdam Noord naar station Amsterdam Zuid
Internationale trein (Nederlandse Spoorwegen) van Amsterdam naar Berlijn
Tramlijn 12 (HTM Personenvervoer) van station Den Haag HS naar de wijk Duindorp
Stoptrein (Arriva) van Arnhem naar Winterswijk.

 

De twee nieuwe postzegelvellen Openbaar vervoer in Nederland, van toen naar nu zijn ontworpen door grafisch ontwerper Thijs Verbeek uit Amsterdam. Het ontwerp van elke postzegel bestaat uit twee helften in verschillende kleuren. Deze achtergrondkleuren refereren aan seizoenen en aardse elementen. Op elke postzegel staan twee monochrome achtergrondfoto’s, in beweging, van een punt op het traject dat de desbetreffende tram, bus, metro, trein of veerboot aflegt. Op de voorgrond loopt een kleurenafbeelding van het openbaarvervoermiddel door van de ene op de andere helft van de postzegel. Boven aan elke postzegel staat de naam van het traject, met links het punt van vertrek en rechts het punt van aankomst. Voor de teksten op het postzegelvel is gebruikgemaakt van de Akzidenz Grotesk (H. Berthold AG, 1896).

Ontwerper
Het postzegelvel Openbaar vervoer in Nederland, van toen naar nu is ontworpen door grafisch ontwerper Thijs Verbeek uit Amsterdam. In zijn ontwerp staan de verschillende middelen van het Nederlandse openbaar vervoer letterlijk centraal, maar zonder te overheersen. Verbeek: “Op zich zijn al die verschillende voertuigen heel interessant. Maar nog veel interessanter vind ik het gebruik ervan. Namelijk het vervoer van passagiers en de verbindingen tussen alle delen en uithoeken van het land. Van stad naar platteland, van buitenwijk naar centrum, van noord naar zuid, van huis naar werk, enzovoort. De keuze voor routes in plaats van alleen voor voertuigen is een essentieel uitgangspunt van het ontwerp. Daarbij ben ik uitgegaan van de beweging van het openbaar vervoer door het Nederlandse landschap en de relatie die er bestaat tussen die twee. En hoe het vervoermiddel één met het landschap is geworden. Denk maar aan het bekende beeld van bijvoorbeeld de trein die als een geel slangetje voortraast door steden, polders, akkers, zandgronden of bossen, afhankelijk van waar we ons in Nederland bevinden. De treinen, bussen en trams zijn relatief klein weergegeven zodat ze in verhouding zijn met de omgeving. De afstand tussen de toeschouwer en het voertuig is precies zo dat je, ook al zou je rennen, de verbinding net mist. Dat laatste is een frustratie die ik al mijn hele leven met openbaar vervoer heb.”
Allerlei invalshoeken
Bij het ontwerpen heeft Verbeek de titel van de nieuwe postzegelvellen letterlijk genomen door routes te kiezen die alle twaalf provincies doorkruisen. “Met de bijbehorende landschappen en achtergronden. Aan de hand van een topografische kaart heb ik naar steeds andere verbindingen gezocht, totdat de spreiding optimaal was. In het begin schoot dat op. Met de treinverbindingen Leeuwarden-Rotterdam en Den Helder-Maastricht maak je flink wat meters. Het vervolg werd lastiger omdat ik zo veel mogelijk verschillende soorten openbaar vervoer wilde behandelen. Van de oude streekbus die door een nog kale Noordoostpolder rijdt tot en met de nieuwste metrolijn in Amsterdam. Het verstrijken van de tijd is zichtbaar gemaakt door ouder en inmiddels verdwenen materieel af te beelden, zoals de rode standaard CSA-bus en de Mat ’64. Beide zijn iconen voor de liefhebbers van openbaar vervoer. Deze bus en locomotief zijn voor mij écht Nederland, net zoals het vlakke land en de keuze om de trein geel te verven. Er staan ook opgeheven routes op de postzegels, zoals de deels opgedoekte treinverbinding tussen Zwolle en Stadskanaal. Verder zie je op de achtergrond veel typisch Nederlandse elementen, zoals de Zeelandbrug, Amsterdamse Schoolgebouwen, de grachtengordel, polders, dijken, sloten, landhekjes en windmolens.”
Vuil, butsen, graffiti
Verbeek omschrijft openbaar vervoer als een ‘gebruiksvoorwerp’ waarmee iedereen een relatie heeft. “Wie je ook bent, waar je ook naar toe moet. Ieder type Nederlander maakt er gebruik van. Daarom wilde ik geen strakke en opgepoetste plaatjes uit een catalogus. Maar treinen, trams en bussen die je in het echt ziet: vuil, gebutst of met graffiti. Het openbaar vervoer rijdt elke dag, in elk seizoen. Daarom zie je in de achtergrond alle weertypes terug: van zon en regen tot onweer, storm en mist. Het openbaar vervoer brengt de passagier door weer en wind op zijn of haar bestemming. Die is altijd anders dan het punt waarvan je bent vertrokken, op een ander moment van de dag. Beide komen tot uitdrukking in de kleurverschillen op iedere postzegel.”
Topografisch nauwkeurig
De topografische benadering door Verbeek keert terug in de lange rijen plaatsnamen rondom de postzegels. “Daarbij heb ik plaatsen gekozen uit de vier windstreken van ons land. Bovenaan uit het noorden, onderaan uit het zuiden, rechts uit het oosten en links uit het westen. Ook de spreiding van de postzegels op het vel heeft waar mogelijk een topografische oriëntatie. Bijvoorbeeld de route naar Maastricht rechtsonder, dus in het zuidoosten. En de verbinding met Goes linksonder, dus in het zuidwesten.”
Het luistert nauw
Bij het verzamelen van het fotomateriaal voor de postzegels stuitte Verbeek op het probleem dat verreweg het meeste materieel recht of schuin van voren wordt gefotografeerd. “En ik wilde ze juist van de zijkant laten zien. In beweging, zoals je ze door het landschap of de bebouwde kom ziet rijden. Op basis van gedigitaliseerd bestaand materiaal heb ik daarom zelf nieuw beeld gemaakt. Verduiveld lastig, omdat de details van types trams, bussen of treinen heel nauw luisteren. Iedere postzegel vertelt een simpel, maar gelaagd verhaaltje. Namelijk hoe je van het ene naar het andere punt in Nederland met het openbaar vervoer kunt reizen en wat je daarbij onderweg ziet. Van verbindingen tussen het centrum en buitenwijken en tussen steden die ver van elkaar verwijderd zijn. Elk verhaal gaat ook over het eigene van de omgeving. Zoals in de Noordoostpolder waar de bus een nieuwe wereld binnenrijdt, wat het belang aangeeft van het openbaar vervoer voor groeiregio’s. Daartegenover staan de opgeheven spoorlijnen die weer verwijzen naar regio’s die met krimp te maken hebben. Al die verhalen bij elkaar gaan over hoe we in Nederland met elkaar verbonden zijn. Het is een reis door ons land, door alle provincies, met dat typisch Nederlandse uitzicht.”
De postzegels zijn, zolang de voorraad strekt, verkrijgbaar bij het postkantoor in de Bruna-winkels en via www.postnl.nl/bijzondere-postzegels. De postzegels zijn ook telefonisch te bestellen bij de klantenservice van Collect Club op telefoonnummer 088 – 868 99 00. De geldigheidstermijn is onbepaald.
Bron en Copyright: Postnl – Drukkerij Joh. Enschedé Security Print, Haarlem

Postnl zegt in haar persbericht meer over openbaar vervoer in Nederland
Openbaar vervoer is de verzamelnaam voor alle lijndiensten voor collectief vervoer van passagiers. Onder het openbaar vervoer valt zowel stads- en streekvervoer als treinvervoer en openbaar vervoer te water. Op de postzegels Openbaar vervoer in Nederland, van toen naar nu staan vertegenwoordigers van al deze vormen afgebeeld.
De nog steeds in gebruik zijnde veerboten zijn de oudste voorbeelden van openbaar vervoer in Nederland. De eerste trein in Nederland reed in 1839 van Amsterdam naar Haarlem, de eerste paardentram in 1864 van Den Haag naar Scheveningen, de eerste paardenbus in 1898 tussen Emmen en Beilen en de eerste metro in 1968 tussen Rotterdam Centraal en Zuidplein.
De op de postzegels afgebeelde openbaarvervoerroutes hebben doorgaans een lange voorgeschiedenis. Zo dateert tramlijn 13 in Amsterdam al uit 1906, hoewel deze toen nog een geheel andere route volgde. De route naar het westen werd in de loop van de tijd steeds verder westwaarts verlegd. In 1974 is de lijn doorgetrokken naar Geuzenveld, een van de westelijke tuinsteden. In 2013 nam het GVB op deze lijn de nieuwe Combinotram voor het eerst in gebruik. Streekbus 132 van Goes naar Zierikzee werd tot 1996 uitgevoerd door buslijn 10. Deze buslijn werd toen in drieën opgeknipt, waarbij lijn 132 als halfuurdienst buiten de spits en als kwartierdienst in de spits bleef rijden. Op deze lijn worden bussen ingezet van Iveco en Mercedes-Benz. De veerboot op de veerdienst Brakel-Herwijnen is de tweede sinds deze verbinding ruim zestig jaar geleden van start ging. De Brakel I werd in 2010 uit de vaart genomen en is toen vervangen door de Brakel II. Deze opvolger van 135 ton is gebouwd op scheepswerf Grave en beschikt over vier roerpropellers van 120 kW elk.
De Amsterdamse metrolijn 52, ook wel Noord/Zuidlijn genoemd, rijdt van station Amsterdam Noord via station Amsterdam Centraal, het centrum, en de RAI naar station Amsterdam Zuid. Deze nieuwe lijn werd in juli 2018 in gebruik genomen. De metrolijn heeft een lengte van 9,7 kilometer, waarvan 7,1 kilometer ondergronds. Op de lijn wordt gereden met metromaterieel M5 van de Franse fabrikant Alstom. De route van de huidige internationale trein (NS) van Amsterdam naar Berlijn wordt sinds 1991 afgelegd. In dat jaar werd, twee jaar na de Val van de Muur, de bestaande D-treinverbinding tussen Amsterdam en Hannover/Braunschweig doorgetrokken naar Berlijn. De treindienst wordt gezamenlijk door NS International en DB Fernverkehr uitgevoerd. De NS maakt daarbij gebruik van locomotieven van de 1700-serie. Op de postzegel is te zien hoe een Nederlandse locomotief Duitse wagons voorttrekt. De eerste tramlijn 12 van HTM dateert uit 1907, maar reed toen een heel andere route: van het Kurhaus in Scheveningen naar Overbosch. De huidige route van Den Haag HS (Holland Spoor) naar Duindorp werd voor het eerst gereden in 1947. In 1998 werd het eindpunt Centraal Station verlegd naar station Den Haag HS. Op de lijn rijdt de achtassige Gelede Tram Lang (GTL8) van fabrikant Alstom.
Bronnen: Postnl, amsterdamsetrams.nl, htm.nl, ovinnederland.nl, rivierenland.nl, Wikipedia